Wie was Jezus

Jezus Christus is de meest unieke persoon van alle tijden. Hij heeft de loop van de geschiedenis veranderd. Zelfs onze datum geeft aan dat Hij ongeveer 2.000 jaar geleden op deze aarde heeft geleefd.

 

Er wordt veel over Jezus gezegd. Hij zou een leider zijn geweest, of een profeet, of een goed mens. Aan Jezus kun je zien hoe God naar mensen kijkt. Maar Jezus was niet alleen mens, maar ook de Zoon van God. 

 

Waarom is Jezus zo belangrijk?

Door de zonde is er een barrière ontstaan tussen God en mensen. Die barrière kunnen wij niet uit de weg ruimen. Wij kunnen niet uit eigen kracht doordringen tot God. Met onze goede bedoelingen komen we er ook niet. Zelfs niet met onze godsdienstige activiteiten.

 

Om eeuwig met God samen te kunnen leven, moet deze barrière echter wel uit de weg worden geruimd. God heeft zo’n afkeer van zonde, dat Hij het bestaan daarvan niet wil en kan tolereren. Toch wil God van de mensen houden. Om dit probleem op te lossen, namelijk het redden van de mens van de zonden, dient die schuld van de mens naar God te worden voldaan op een wijze die recht doet aan Zijn godheid. Dat kan alleen maar door iemand die nooit zonde gedaan heeft en die bereid is de volle last van de zonde te dragen zodat de mens weer in het reine komt met God.

 

Omdat geen mens dit kan, heeft Jezus zichzelf aangeboden om dit voor ons te doen. Jezus betekend ‘redder’ of ‘verlosser’. Dit is het bewijs dat God van ons houdt. Dat Hij zich ons lot aantrekt. Hij kwam niet alleen om ons te laten zien wie God is, of om ons Zijn leer te brengen. Hij kwam om ons te verlossen en dat hield in dat Hij zijn eigen leven gaf om ons te redden.

 

Wat voor iemand was Jezus?

Jezus was volledig mens. Hij werd geboren uit een menselijke moeder. Hij groeide op in een gezin en als jongeman was hij timmerman in een klein dorp. Toen hij dertig was, begon hij anderen te onderwijzen. Hij verzamelde enkele vrienden om zich heen. Drie jaar lang trok Hij zo rond, Hij genas, Hij onderwees de mensen en zorgde voor mensen in nood.  Hij kon goed overweg met mensen van allerlei rang en stand. Zijn leven stond in het teken van het dienen en helpen van andere mensen. Hij vertoonde geen greintje zelfzucht, jaloezie of onvriendelijkheid. Hij toonde op alle momenten de ware liefde.

 

Ook wist Hij wat het was om te huilen van intens verdriet en om door vrienden in de steek te worden gelaten. Hij werd door anderen afgewezen en onrechtvaardig behandeld. Hij onderging vreselijke pijnen toen men Hem genadeloos geselde en aan het kruis nagelde - de wreedste manier waarop de Romeinen iemand ter dood brachten. Zelfs Pontius Pilatus, de Romeinse stadhouder die Hem berechtte, moest toegeven dat hij niets verkeerds in Hem kon ontdekken.

 

Jezus was in elk opzicht een volmaakt mens. Naarmate Zijn volgelingen meer van Hem zagen en hoorden, gingen zij langzaam maar zeker beseffen dat Hij meer was dan een groot mens of een groot profeet. Sterker, Hij was de door God beloofde Messias en de Zoon van God die als mens onder de mensen is gekomen.

 

Wat leerde Jezus?

Jezus kwam om ons te laten zien wie God is. Door de manier waarop Hij met de mensen omging en sprak, aandacht besteedde aan hun noden en hun ziekten genas, liet Hij metterdaad zien wie God is. Bovendien bracht Hij een leer die de eeuwen door is beschouwd als de hoogste morele norm.

 

Gods liefde is als een herder die op zoek gaat naar het ene verloren schaap, net zolang tot hij het vindt.

 

Jezus zei ook de meest verbluffende dingen over zichzelf. Hij vroeg anderen nederig te zijn, leidde zelf een nederig en onbaatzuchtig leven, maar zei tegelijkertijd dat Hij God zelf was. ´Wie mij heeft gezien, heeft de Vader gezien´ en ´Ik en de Vader zijn één´. Hij zei dat Hij de zonde kon vergeven en dat Hij de enige weg tot God was: ´Niemand komt tot de Vader dan door mij´. Hij beloofde vrede aan ieder die tot Hem kwam.

  • Hem kennen, was God kennen.
  • Hem zien, was God zien.
  • Hem vertrouwen, was God vertrouwen.
  • Hem eren, was God eren.
  • Hem haten, was God haten.

 

Of deze adembenemende uitspraken zijn waar, of Jezus was een leugenaar, een oplichter, een misleider. Maar uit zijn volmaakte leven en zijn opmerkelijke leer, blijkt dat Hij de indrukwekkendste mens was, die ooit geleefd heeft.

 

Wat heb ik aan Jezus?

Hoe kan Jezus, die zo'n tweeduizend geleden leefde, mij hier en nu verlossen van mijn zonde?

 

Gods karakter is rechtvaardig en liefdevol. Die twee karaktereigenschappen zijn als de twee zijden van één munt. Omdat Hij rechtvaardig is, veroordeeld God ons terecht vanwege onze zonden. Het kwaad moet worden gestraft. Maar omdat Hij ook liefde is, verlangt Hij ernaar dat mensen met Hem in het reine komen. Het is alsof God met zichzelf in conflict komt:  Hij moet rechtvaardig zijn en toch vergeving schenken aan schuldige mensen.

 

Toen Jezus aan het kruis stierf, werd er op unieke en volmaakte wijze tegemoet gekomen aan Gods rechtvaardigheid en Zijn liefde. De zonde werd gestraft. En Zijn liefde schonk ons Zijn Zoon om in onze plaats te sterven. Jezus droeg de doodstraf die ons zondaars toekwam. Zoveel houdt God van jou en mij. Er was geen andere mogelijkheid om ons te verlossen van onze zonden.

 

Jezus heeft de ontzaglijke schuld van onze zonden was voor eens en altijd betaald. De weg naar God was weer open. Vergeving van al onze zonden wordt ons hierdoor aangeboden, voor niets.

 

Stond Jezus echt op uit de dood?

Er was geen twijfel mogelijk – Jezus was dood.  Wanneer de Romeinen iemand executeerden, zorgden zij er wel voor dat de veroordeelde ook daadwerkelijk stierf. Een van de soldaten stak een speer in de hartstreek van Jezus om er zeker van te zijn dat Hij inderdaad dood was. 

 

Daar was geen twijfel over mogelijk – Jezus werd zelfs begraven. Vervolgens werd een enorme steen voor de ingang gelegd en een soldaat moest er de wacht houden. Iedereen wist het: Jezus was dood.

 

Op de derde dag na de kruisiging, kwamen zowel zijn volgelingen als de Romeinen echter tot de ontstellende ontdekking dat het lichaam verdwenen was. De doodskleden lagen er nog wel, maar het graf zelf was leeg. Er was geen twijfel mogelijk; alle betrokkenen wisten in welk graf Jezus was gelegd, iedere vergissing was uitgesloten. God had Jezus uit de dood opgewekt.

 

Er is geen andere verklaring voor de vele verschijningen van Jezus. Veertig dagen lang verscheen Hij aan zijn vrienden, meestal bij helder daglicht en op verschillende plaatsen – in een kamer, op een weg, aan de oever van het meer. Soms verscheen Hij aan één persoon, soms aan groepjes van twee of drie mensen, soms aan alle discipelen tegelijk, soms aan grotere groepen tot wel vijfhonderd mensen.

 

Deze verschijningen kunnen niet zomaar worden afgedaan als hallucinaties. Hij ontmoette hen, sprak met hen en at zelfs met hen. Ze konden Hem zien en aanraken. Ze zagen geen geest maar dezelfde Jezus die ze aan het kruis hadden zien sterven. De littekens van die verschrikkelijke executie waren nog te zien op zijn handen, zijn voeten en zijn zij. De zonde en de dood waren overwonnen. Daarom verspreidde het christelijke geloof zich zo wijd en snel. Daarom aanbidden miljoenen mensen uit allerlei achtergronden, landen en culturen Jezus als Heer. Hij leeft en zij weten het uit eigen ervaring.